APRÈS SIX SEMAINES…

Lieve allemaal,

Mijn laatste blog over waar deze hele periode in Parijs eigenlijk om draait, mijn stage bij Hotel Napoleon, is alweer vijf weken geleden dus ik vind het wel weer eens tijd worden voor een update. Na de eerste week vol nieuwe indrukken, nieuwe mensen, werken op verschillende afdelingen van het hotel en een fijn weekend, mocht ik de tweede week echt beginnen als receptioniste. De eerste twee dagen was het eigenlijk nog steeds vooral meekijken met wat mijn collega’s deden en héél erg véél notities maken. Ze legden vooral uit wat zij aan het doen waren maar ze lieten me nog niet echt zelf iets doen. Na die twee dagen werd mijn eerste taak uitgelegd: het uitchecken van gasten. Eerst werd het proces uitgelegd, toen gingen we het een keertje oefenen met collega’s. Zodra de eerstvolgende gast aankwam, mocht ik de check-out doen, wel met een collega naast mij die mij kon helpen als ik het niet meer begreep. De eerste check-out ging natuurlijk zo stuntelig als het maar kon. En dan had ik nog het geluk dat het een Engels sprekende gast was, in het Frans was het waarschijnlijk volledig mislukt. De gasten die daarna kwamen mocht ik ook uitchecken, nog steeds mijn collega veilig naast mij. Op een gegeven moment was het heel druk en was mijn collega niet beschikbaar om te helpen dus toen MOEST ik het wel alleen doen. Ik schoot wel een beetje in de stress maar het ging gelukkig aardig goed. En door het zo steeds vaker te doen, is het een soort van automatisme geworden en nu gaat het helemaal vanzelf. Zo is het eigenlijk gegaan met alle processen. Dan de telefoon. De eerste paar dagen vermeed ik de telefoon. Zodra de telefoon ging, “was ik ergens mee bezig”. Ik vond de telefoon het engste van alles wat je moet doen bij de receptie. Ergens in de tweede week van mijn stage, ging de telefoon en ik dacht weer: wegwezen hier! Ik ging er vanuit dat mijn collega de telefoon wel zou opnemen, ook al stond ik er dichterbij dan hij want dat hadden ze tot nu toe steeds gedaan. Dit keer zei mijn collega ineens lachend: “Neem maar op. Ik doe het niet, het is jou beurt nu.” Ik vond het dood eng, mijn handen waren aan het trillen en ik wilde eigenlijk echt niet maar ik heb de telefoon opgenomen want mijn collega was echt niet van plan om het te doen. Gelukkig was het een Engelse gast dus ik kon hem in ieder geval verstaan maar hij vroeg om iets, wat weet ik niet meer, maar ik weet nog wel dat ik totaal niet wist hoe ik hem moest helpen omdat het pas de tweede week in het hotel was en ik nog bijna niks wist. Mijn collega bleef er natuurlijk bijstaan en hij heeft de telefoon overgenomen om de gast te helpen maar ik was in ieder geval over de angst heen om de telefoon op te nemen. Nu, na zes weken stage in het hotel, vind ik de telefoon nog steeds het moeilijkste van alle taken die ik heb. Vaak kan je mensen slecht verstaan omdat ze zacht praten, snel praten of omdat de verbinding niet goed is. Aan het begin van mijn stage gaf ik standaard de telefoon aan mijn collega als ik hoorde dat de persoon aan de andere kant van de lijn Frans was. Nu, na zes weken, luister ik eerst zelf en probeer ik het te snappen. Negen van de tien keer begrijp ik het nog steeds niet als het in het Frans is, maar soms heb je net die ene gast die wél duidelijk praat en die een vraag stelt waarvan ik weet hoe ik moet antwoorden in het Frans. Mijn supervisor en de collega waar ik veel mee werk, merkten afgelopen week ook op dat ik daarin goed vooruit ben gegaan. Dat is altijd fijn om te horen. Het Frans vind ik nog wel echt heel erg lastig. Met collega’s praat ik nog steeds veel Engels, al zijn er een aantal die gewoon weigeren om Engels te praten of zelf niet eens Engels spreken dus dan moet het in het Frans. Het lukt op zich ook wel en ik merk wel dat ik steeds veel meer begrijp van wat ze allemaal zeggen, ook als ze onderling in het Frans een gesprek voeren. Ik merk ook wel dat het, wat betreft werk en termen en zinnen die over het werk gaan, zeker vooruit gaat. Ik kan mensen in- en uitchecken in het Frans, ik kan vragen van gasten doorgeven aan andere afdelingen van het hotel en zo nog een aantal dingen. Alleen heb ik nog niet echt het gevoel dat ik een normaal dagelijks gesprek met iemand op straat kan voeren in het Frans. Maar mijn collega’s zeggen ook: pas à pas, stapje voor stapje. Het komt wel. En ik ga hier sowieso over vijf maanden vandaan met meer kennis van de taal dan ik had toen ik hier aankwam. Het valt mij trouwens ook erg op hoe je snel je een taal verleert als je er niets meer mee doet. Ik dacht toch echt dat mijn Spaans niet slecht was, met cijfers variërend van 7 tot 9 op de Hotelschool maar dat viel toch vies tegen toen er Spaanse gasten kwamen die wilde inchecken. Ineens ben je dan bijna alles kwijt van wat je geleerd had. Gelukkig spreken veel van mijn collega’s meerdere talen, waaronder ook Spaans.

De eerste twee weken deed ik vooral de check-ins en check-outs. Vanaf de derde week zijn ze allemaal extra taken uit gaan leggen; hoe je rapporten print voor andere afdelingen van het hotel, hoe je gegevens van de vorige dag in het systeem verwerkt, hoe je geld uit een ander land om kan wisselen en in het systeem moet verwerken, hoe je gasten brieven moeten sturen die aan het limiet van hun rekening zitten, hoe je de kassa telt, hoe je de arrivals voor de volgende dag voorbereid en ga zo maar door. Al deze processen worden steeds meer een automatisme en gaan nu na zes weken stage, vrijwel altijd goed. Soms twijfel ik over dingen die ik doe, hoe verrassend, maar niemand vind het erg als je hier iets voor de tiende keer vraagt. Dan geven ze je gewoon voor de tiende keer uitleg.

Iets wat ik wel lastig vind om te leren en te onthouden, zijn alle categorieën kamers en suites die Hotel Napoleon heeft en de verschillen tussen die categorieën. Er zijn 102 kamers en iets van tien categorieën dus dat is lastig om te onthouden. Ik vond het ook heel lastig om te bepalen en te weten hoe de kamers ten opzichte van bijvoorbeeld de Arc de Triomphe liggen. Kan aan mijn logica liggen, of het gebrek daaraan. De Directeur Hébergement van het hotel had daar wel een leuk spelletje voor bedacht zei hij: ik kreeg 5 kamernummers en 5 categorieën. Ik moest de kamers gaan bekijken en goed alle verschillen opmerken en opschrijven. Daarna moest ik alle kamers aan een categorie koppelen, dat had ik foutloos gedaan maar ik vond het wel lastig om de kleine verschillen tussen de categorieen te vinden en te onthouden. Nadat ik de kamers had bekeken en terug was bij de receptie, speelde hij een gast. Hij was ontevreden over zijn Chambre Classique en hij had van zijn buurman gehoord dat hij een Chambre Supérieure had. Met de vraag aan mij als receptioniste of ik hem het verschil even uit kon leggen. In het Frans, want hij weigert altijd Engels te praten. Een beetje stuntelig en met behulp van een paar Engelse termen, kon ik het hem wel vertellen. Later deed hij datzelfde maar dan met de verschillen tussen een kamer en een suite. Hij vroeg mij het grootste voordeel te benoemen van de suite. Ik wist het niet dus ik mocht weer naar de suite om het grootste voordeel van de suite te ontdekken. Toen ik binnenkwam zag ik al vrij snel het hele grote terras dat bij de kamer hoort, wat mij eerder nog niet opgevallen was. Dat was ook inderdaad het grote voordeel van de suite dat hij wilde horen. Deze manier van ontdekken hoe de kamers in elkaar zitten en wat de verschillen zijn vond ik leuk. Hij was ook helemaal niet streng maar juist heel vriendelijk. Hij maakte ook grappen tussendoor en hij vond het helemaal niet erg als ik iets fout zei, alleen mocht ik dan weer vrolijk op pad om het goede antwoord te vinden en het hem later te vertellen. Afgelopen week heb ik van mijn supervisor ook een hele handige plattegrond van alle afdelingen gekregen zodat ik precies weet welke kamer waar ligt.

21-09 (9)

^ Mijn plekje tijdens de vijf maanden stage bij Hotel Napoleon

Voordat ik naar Parijs ging werd mij verteld dat het team collega’s van Napoleon echt als één grote familie voelt. Van te voren wist ik natuurlijk niet wat ik mij daarbij moest voorstellen en tijdens de eerste drie weken had ik dat gevoel ook niet echt maar inmiddels begin ik goed te begrijpen wat ze bedoelen. Het team van Napoleon voelt écht als een familie. Het is een klein team en ik denk vooral daardoor ook heel close. Natuurlijk niet alle collega’s. Ik ken ook niet alle werknemers van het hotel en met de ene kan je het beter vinden dan met de ander. Maar iedereen, echt iedereen, is altijd bereidt om je te helpen. Ze vragen elke dag hoe het gaat, er wordt vaak gevraagd of ik het naar mijn zin heb in hotel, of ik blij ben en of iedereen wel lief voor me is. Natuurlijk heb ik ook dagen dat het hier wat minder gaat en dan zijn er meteen collega’s die dat zien en wat extra aandacht aan je besteden. Iedereen houdt rekening met het feit dat Frans zo lastig is. Zodra de telefoon bij de receptie gaat en ze merken dat er een Franse gast aan de telefoon is, zijn er direct twee paar ogen op mij gericht van collega’s die met me meeluisteren en de telefoon eventueel over kunnen nemen. Ook zodra er een Franse gast aan de receptie is, is er direct een collega die iets dichterbij schuift om eventueel te helpen, mocht het nodig zijn. Ook als er gasten zijn die moeilijk of boos doen tegen mij, bemoeit de jongen waarmee ik voornamelijk werk zich er meteen mee. Op een manier van: wat je tegen haar te zeggen hebt, heb je tegen mij te zeggen. Ze stimuleren en motiveren mij heel erg om het zelf te proberen en te doen maar het is een fijn gevoel dat er altijd iemand is waarop je terug kan vallen. Ook de bijnaam Roos is hier al ontdekt. Één van mijn collega’s kwam er zelf mee maar dan meer op z’n Engels uitgesproken, ‘Rose’. Ik zei in het Nederlands is het: RRRoos, met een rollende R. En sindsdien heet ik daar Roos voor hem en een paar andere collega’s. Ze vinden het hier ook leuk om Nederlands te leren dus dat is ook altijd wel grappig, vooral de G en de SCH. Ook echt álle collega’s zijn hier gek. Ze maken de hele dag door grappen en we lachen veel met elkaar. Als ze grappen in het Frans maken en ik begrijp het niet, dan leggen ze het in het Engels uit. Of als ze weer eens vieze grappen maken, zeggen ze dat het in dit geval maar goed was dat ik het Frans niet begreep…

Het gaat hier dus allemaal erg goed. Het werk is leuk, mijn collega’s allemaal heel leuk en lief, het is gezellig op het werk en ik doe alleen maar leuke dingen hier in Parijs. In de eerste weken heb ik best veel heimwee gehad maar dat is gelukkig nu ook veel minder, al mis ik iedereen thuis natuurlijk wel!

Voor de meeste van jullie is morgen gewoon een werk- of schooldag, voor mij is het lekker weekend dus daar ga ik fijn van genieten en leuke dingen doen!

Liefs uit Parijs!

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s